Op het werk

Wanneer is gehoorbescherming verplicht? 80, 85 en 87 dB(A) uitgelegd

Audinc 27 jul 2023 laatst bijgewerkt 25 okt 2026
Wanneer is gehoorbescherming verplicht? 80, 85 en 87 dB(A) uitgelegd

Vanaf 80 dB(A) moet de werkgever gehoorbescherming ter beschikking stellen, vanaf 85 dB(A) is dragen verplicht en 87 dB(A) is de grens in het oor. Alle regels uit de Codex over het welzijn op het werk, met wie betaalt, wie meet en wanneer u een gehoortest krijgt.

Een goed gehoor is onbetaalbaar, goede gehoorbescherming niet

Als werknemer bent u verplicht gehoorbescherming te dragen zodra uw dagelijkse blootstelling aan lawaai boven 85 dB(A) uitkomt. Uw werkgever moet die bescherming al vanaf 80 dB(A) ter beschikking stellen. En met de gehoorbescherming in mag er nooit meer dan 87 dB(A) bij uw oor aankomen.

Die drie getallen komen uit de Codex over het welzijn op het werk. Hieronder staan ze op een rij, met daarna wat ze in de praktijk betekenen: wie meet, wie betaalt, wanneer u een gehoortest krijgt en welke gehoorbescherming aan de eisen voldoet.

GrensWat moet er gebeuren
80 dB(A)
onderste actiewaarde
piek 135 dB(C)
Werkgever stelt gehoorbescherming ter beschikking en zorgt voor voorlichting en opleiding. Verplicht gezondheidstoezicht met gehoortest.
85 dB(A)
bovenste actiewaarde
piek 137 dB(C)
Dragen is verplicht. Werkgever stelt een actieprogramma op om het lawaai te verminderen en signaleert en bakent de lawaaizones af.
87 dB(A)
grenswaarde
piek 140 dB(C)
Gemeten in het oor, dus mét gehoorbescherming. Deze waarde mag nooit overschreden worden; gebeurt dat toch, dan neemt de werkgever onmiddellijk maatregelen.

De dagelijkse blootstelling is het gemiddelde over een werkdag van 8 uur. De piekwaarden in dB(C) gaan over korte, harde knallen, zoals een slaghamer, een nagelpistool of een schot.

Welzijnswet of Codex: waar staan de regels?

In de praktijk spreekt men vaak over “de wet”, maar de lawaaigrenzen staan niet in de Welzijnswet zelf. De wet van 4 augustus 1996 betreffende het welzijn van de werknemers bevat de algemene plichten van de werkgever, zoals het in kaart brengen van alle risico’s op het werk in een risicoanalyse en het vastleggen van de maatregelen in het globaal preventieplan. De concrete regels over lawaai staan in de Codex over het welzijn op het werk, in boek V, titel 2 (Lawaai). Dat is de omzetting van de Europese richtlijn 2003/10/EG.

Oordop op maat in het oor

Op een rij wat de Codex van de werkgever vraagt:

  • Vanaf 80 dB(A): individuele gehoorbeschermers ter beschikking stellen en de werknemers en het Comité voor preventie en bescherming op het werk voorlichten en opleiden over de risico’s van lawaai en het juiste gebruik van de bescherming (artikel V.2-19 en V.2-20). Werknemers zijn dan nog niet verplicht om die bescherming te dragen.
  • Vanaf 85 dB(A): de gehoorbeschermers worden gedragen, de hele tijd dat er in het lawaai gewerkt wordt, en de werkgever zorgt ervoor dat dat ook gebeurt. Hij stelt een programma van technische en/of organisatorische maatregelen op (meestal actieprogramma genoemd) en signaleert de lawaaizones, bakent ze af en beperkt de toegang waar dat technisch kan (artikel V.2-14 en V.2-15).
  • Bij 87 dB(A) in het oor: dit is de grenswaarde, gemeten met de gehoorbescherming in. Komt het lawaai daarboven, dan neemt de werkgever onmiddellijk maatregelen, zoekt hij de oorzaak en past hij de preventie aan (artikel V.2-16).
  • Gezondheidstoezicht: werknemers die boven 80 dB(A) worden blootgesteld, krijgen verplicht gezondheidstoezicht door de arbeidsarts, met een audiometrisch onderzoek (artikel V.2-22 tot en met V.2-26). Zo ziet u of de maatregelen werken. Dat is strenger dan in Nederland, waar de gehoortest een aanbod is.

Hoe werkt de dagelijkse blootstelling?

Het gaat niet om het luidste moment van de dag, maar om de totale geluidsdosis. Geluidsniveau en tijd tellen samen, en elke 3 dB erbij betekent twee keer zoveel geluidsenergie. Daardoor halveert de tijd waarin u dezelfde dosis binnenkrijgt.

Een rekenvoorbeeld: werkt u 4 uur in 83 dB(A) en is de rest van de dag stil, dan krijgt u dezelfde dagdosis als bij 8 uur in 80 dB(A). Bij 86 dB(A) zit u na 2 uur op dat niveau, bij 89 dB(A) na 1 uur en bij 95 dB(A) al na een kwartier. Dat zijn rekenvoorbeelden, geen aparte wettelijke grenzen. Meer voorbeelden van alledaagse geluiden vindt u in ons artikel hoeveel decibel is schadelijk.

Rekenhulp · geluidsdosis

Hoe lang mag je in dit geluid werken zonder bescherming?

Kies een werksituatie of stel zelf het geluidsniveau en de werktijd in.

Veilig zonder bescherming48 minuten
Uw dagdosis na 8 uur10×
Zonder gehoorbescherming 10×
Met een filter van SNR 19 13%
Met een sterk filter (SNR 31) 1%

100% is uw volledige dagdosis en 3× betekent drie keer zoveel. Komt u boven de 100%, dan loopt u risico op blijvende gehoorschade.

Op het werk (Codex over het welzijn op het werk)

Dagelijkse blootstelling: 90 dB(A)

Vanaf 85 dB(A): gehoorbescherming dragen is verplicht en de werkgever moet een programma van maatregelen uitvoeren.

Laat het geluid meten

Schatting met de rekenregel 80 dB(A) gedurende 8 uur, waarbij elke 3 dB erbij de tijd halveert. De SNR is een labowaarde: hoeveel u in de praktijk dempt, hangt af van hoe goed uw oordop afsluit. Geen vervanging voor een meting.

Hoe luid is 80 dB(A) eigenlijk?

Een normaal gesprek komt uit op ongeveer 60 dB(A). Moet u uw stem verheffen om iemand op een meter afstand te verstaan, dan zit het lawaai waarschijnlijk boven 80 dB(A).

Lastig is dat 80 of 85 dB(A) zelden pijn doet. Veel mensen ervaren het niet eens als onaangenaam, waardoor ze niet merken dat hun gehoor er op termijn schade van oploopt. Wij raden daarom aan om al vanaf 80 dB(A) gehoorbescherming te dragen, ook al is het dan nog niet verplicht.

Wie meet het lawaai, en hoe?

De werkgever is verantwoordelijk voor het in kaart brengen van het lawaai, als onderdeel van de risicoanalyse. Kan het lawaai boven 80 dB(A) uitkomen, dan wordt de blootstelling beoordeeld en zo nodig gemeten. Voor die meting doet de werkgever een beroep op zijn interne of externe dienst voor preventie en bescherming op het werk; heeft die de deskundigheid niet, dan schakelt hij een erkend laboratorium in. De resultaten worden bewaard en de evaluatie wordt bijgehouden (artikel V.2-6 tot en met V.2-12).

Dat meten gebeurt met een geluidsmeter die een A-filter toepast. Dat filter houdt rekening met hoe gevoelig het oor is voor verschillende toonhoogtes, en daarom wordt het niveau uitgedrukt in dB(A). Voor korte, harde pieken wordt een C-filter gebruikt, vandaar dB(C).

Wilt u weten waar uw bedrijf staat? Wij doen een geluidsmeting op locatie met een klasse 1-geluidsmeter en adviseren welke bescherming bij welke werkplek past.

  • Breng het lawaai in kaart in de risicoanalyse en laat meten waar het mogelijk boven 80 dB(A) uitkomt.
  • Pak eerst de bron aan: stillere machines, afscherming, geluiddempende cabines of minder uren in het lawaai.
  • Stel gehoorbescherming kosteloos ter beschikking, raadpleeg het Comité over de keuze en controleer dat ze voldoende dempt.
  • Zorg voor voorlichting en opleiding, bijvoorbeeld in een toolboxmeeting, over de risico's en het juiste gebruik.
  • Laat iedereen boven 80 dB(A) opvolgen in het gezondheidstoezicht van de arbeidsarts.

Voor de voorlichting en voor een extra controle van het gehoor kunt u bij ons terecht: we geven een toolboxmeeting over geluid en gehoor van ongeveer 20 minuten en doen gehoormetingen op locatie. Het wettelijke gezondheidstoezicht blijft de taak van de arbeidsarts van uw interne of externe dienst.

Wie betaalt de gehoorbescherming?

De werkgever. Persoonlijke beschermingsmiddelen, en dus ook gehoorbescherming, stelt hij kosteloos ter beschikking (Codex, artikel IX.2-3 en IX.2-20). Komt u op uw werk boven 80 dB(A) uit, dan hoeft u dus niet zelf oordoppen te kopen.

Welke gehoorbescherming het wordt, beslist de werkgever, nadat hij het Comité voor preventie en bescherming op het werk heeft geraadpleegd (artikel V.2-21). De Codex schrijft geen type voor, wel dat de bescherming passend en naar behoren aangemeten is en voldoende dempt. Dat werkgevers steeds vaker kiezen voor oordoppen op maat, heeft een praktische reden: wat comfortabel zit, wordt de hele dag gedragen.

Aan welke eisen moet gehoorbescherming voldoen?

Gehoorbescherming valt onder de Europese PBM-verordening (EU) 2016/425, en wel in categorie III. Dat is de zwaarste categorie, voor middelen die beschermen tegen risico’s met ernstige of onomkeerbare gevolgen. Een onafhankelijke keuringsinstantie moet het product daarom testen voordat het een CE-markering krijgt. Voor oordoppen gebeurt dat volgens de norm NBN EN 352-2, voor oorkappen volgens NBN EN 352-1. De certificaten en conformiteitsverklaringen van onze oordoppen vindt u op de pagina certificeringen.

Uit die test komt de dempingswaarde, meestal als SNR in decibel. Dat is wel een labowaarde: een oordop die niet goed aansluit, dempt in de praktijk veel minder. Daarom controleren we bij oordoppen op maat bij ingebruikname met een lektest of ze goed afsluiten, en adviseren we die controle daarna jaarlijks te herhalen. Hoe dat werkt, leest u in controle en lektest van gehoorbescherming.

Let op

Meer demping is niet altijd beter. Dempt de bescherming veel meer dan nodig, dan hoort u collega's en waarschuwingssignalen slecht en gaan mensen hun oordoppen uitdoen. Kies een filter dat het lawaai in uw oor ruim onder 80 dB(A) brengt, maar waarmee u nog kunt verstaan wat er rondom u gebeurt.

Waar is er lawaai op het werk?

Gehoorschade door lawaai op het werk is een erkende beroepsziekte: lawaaidoofheid valt onder Fedris, het federaal agentschap voor beroepsrisico’s. Werknemers gaan geleidelijk slechter horen en kunnen last krijgen van oorsuizen of tinnitus. Meestal is jarenlange blootstelling aan lawaai de oorzaak.

De bekendste voorbeelden zijn de bouw, de metaal en de industrie, waar machines en gereedschap flink wat lawaai maken. Maar ook landbouwers, militairen, politieagenten en vrachtwagen- of heftruckchauffeurs krijgen ermee te maken. In ons overzicht van beroepen met een hoog risico op gehoorschade staan de geluidsniveaus per werkplek.

Horeca en evenementen

In de horeca staat de muziek vrijwel altijd aan, en in clubs en op concerten ligt het niveau vaak rond de 100 dB. Voor bezoekers gelden in Vlaanderen de geluidsnormen voor muziekactiviteiten uit VLAREM II, en in Brussel het besluit over versterkt geluid. Voor wie er werkt, gelden gewoon de regels van de Codex. Barpersoneel, dj’s en bewakingsagenten zitten daar een hele dienst in, en dan gaat u met 100 dB ver over de dagdosis heen. Gehoorbescherming met een muziekfilter dempt het volume, terwijl u gasten en collega’s blijft verstaan. Meer daarover leest u in gehoorbescherming in het nachtleven.

Luchthaven

Ook op een luchthaven is het risico groot. Wie op het platform werkt, staat dicht bij draaiende vliegtuigmotoren, hulpaggregaten en grondmaterieel. Omdat u daar ook goed moet blijven communiceren, wordt gehoorbescherming er vaak gecombineerd met een headset of portofoon.

Onderwijs en kinderopvang

U denkt er niet direct aan, maar ook in turnzalen, zwembaden, recreatiecentra en kinderdagverblijven kan het geluid hoog oplopen. Lees bijvoorbeeld hoe het zit met gehoorschade bij leerkrachten.

Wat kunnen bedrijven zelf doen tegen lawaai?

Lawaai leidt niet alleen tot slechter horen. Hoge geluidsniveaus kunnen ook zorgen voor concentratieproblemen, stress, vermoeidheid en een hogere bloeddruk. Elke organisatie heeft baat bij gezond personeel dat goed functioneert.

De Codex gaat daarom uit van een vaste volgorde (artikel V.2-13 en de algemene preventiebeginselen): eerst het lawaai bij de bron aanpakken, bijvoorbeeld met stillere productiemethoden en machines. Dan afschermen, zoals met geluiddempende cabines. Daarna organisatorische maatregelen, zoals minder uren per dag in het lawaai. Pas als dat niet volstaat, komt gehoorbescherming in beeld. In de praktijk blijft die op veel werkplekken nodig.

Gehoorbescherming op maat voor uw team

Oordoppen op maat worden gemaakt op basis van een afdruk van het oor van de drager. Daardoor sluiten ze goed af en zitten ze ook na een volle werkdag nog comfortabel. Onze Custom Work dempt, afhankelijk van filter en materiaal, met een SNR van 17 tot 31 dB, en met het Click-filter tot 34 dB. Omdat de filters verwisselbaar zijn, kiest u per werkplek de demping die past bij het lawaai.

We maken gehoorbescherming voor onder meer de industrie (van metaal en voeding tot drukkerijen), de bewaking, het nachtleven en de bouw. Vanaf 3 personen komen we bij uw bedrijf aanmeten; anders kan het in een van onze vestigingen in Antwerpen, Brussel, Essen, Gent, Kortrijk of Roeselare. Alle opties voor werk ziet u op gehoorbescherming voor werk.

Voor werkgeversGehoorbescherming voor uw hele teamVanaf 3 personen meten we op locatie aan. Vraag vrijblijvend een offerte aan. Offerte aanvragen

Volg ons

Hebt u een vraag? We zijn een en al oor.

Veelgestelde vragen

Lees meer

FAQ

Vanaf een dagelijkse blootstelling van 85 dB(A), of bij pieken vanaf 137 dB(C), moeten werknemers gehoorbescherming dragen. Vanaf 80 dB(A) of 135 dB(C) moet de werkgever gehoorbescherming al ter beschikking stellen, maar is dragen nog niet verplicht. Deze grenzen staan in de Codex over het welzijn op het werk, boek V, titel 2 (Lawaai).

De werkgever. Persoonlijke beschermingsmiddelen zoals gehoorbescherming stelt de werkgever kosteloos ter beschikking zodra het lawaai de actiewaarden overschrijdt (Codex, artikel IX.2-3 en IX.2-20). Dat geldt ook voor oordoppen op maat, als de werkgever daarvoor kiest. Het Comité voor preventie en bescherming op het werk wordt over de keuze geraadpleegd.

De werkgever is verantwoordelijk. In de risicoanalyse brengt hij de lawaairisico’s in kaart, en als het lawaai mogelijk boven 80 dB(A) uitkomt, wordt de blootstelling beoordeeld en zo nodig gemeten. Daarvoor doet hij een beroep op zijn interne of externe dienst voor preventie en bescherming op het werk. Heeft die de nodige deskundigheid niet, dan schakelt hij een erkend laboratorium in.

Ja, en in België is het zelfs verplicht. Wie boven 80 dB(A) wordt blootgesteld, valt onder het gezondheidstoezicht van de arbeidsarts. Dat begint met een audiometrisch onderzoek vóór de functie, gevolgd door een periodieke beoordeling met een nieuwe audiometrie binnen 12 maanden na de eerste. Het staat in de Codex, artikel V.2-22 tot en met V.2-26.

Nee. De Codex eist dat de gehoorbescherming passend en naar behoren aangemeten is en voldoende dempt, zodat het lawaai in het oor onder 87 dB(A) blijft. Ze moet ook CE-gemarkeerd zijn. Of dat schuimdopjes, oorkappen of oordoppen op maat zijn, kiest de werkgever, na raadpleging van het Comité. Belangrijk is dat de bescherming past en de hele dag gedragen wordt.

De Welzijnswet van 4 augustus 1996 bevat de algemene plichten van de werkgever, zoals het uitvoeren van een risicoanalyse en het opstellen van een preventieplan. De concrete lawaaigrenzen van 80, 85 en 87 dB(A) staan niet in die wet zelf, maar in de Codex over het welzijn op het werk, boek V, titel 2 (Lawaai), artikel V.2-1 en volgende.

Gerelateerde blogartikelen